Grijpskerk

                

Op de toren en het koor van de kerk in Grijpskerk staan twee verschillende griffioenen. De vogel Grijp is onderdeel van het gemeentewapen van Grijpskerk, evenals van de familie Grijp.
A. Pathuis: Een klimmende griffioen met opgeheven vlucht. N.B. In tweevoud. Op toren oudere, op koor jongere. Embleem overeenkomstig wapen Johan Gryp, blijkens zegel een akte van verkoop van vaste goederen te Marum, 1490. Zie RAG [Rijksarchief Groningen] Archief Nienoord, inv. nr. 7.

terug naar Vaantjeskaart van Nederland   foto's maart 2003






bron: International Civic Heraldry
Volgens de internetsite heeft het wapen "Doorsneden : I van azuur met een gaande griffioen of grijp zonder vleugels, van goud, II van sabel met een kerk van zilver met de toren aan de rechterzijde. Het schild gedekt met eene vijfbladerige kroon van goud."
Een griffioen (of griffoen, grijp, grijpvogel, vogel grijp) is een fabelachtig dier met het bovenlijf van een adelaar en het benedenlijf van een leeuw, fel en wreed van aard, thans vooral nog bekend als heraldische figuur (Van Dale).


brontekst gemeentegids Zuidhorn. (voormalige website)

DORP GRIJPSKERK

Grijpskerk dateert van rond 1500. Omstreeks het jaar 1476 werden de Ruigewaarden (waarden zijn polders) aan de Lauwerszee onttrokken door het leggen van een dijk - deze werd door monniken aangelegd - waarin de Munnekezijl werd gelegd. Op de oude binnendijk verrees het dorp Grijpskerk. Het unieke Groninger dijkenlandschap begint dan ook in het noordelijk deel rond deze plaats. Niet lang na die indijking van 1476 zal er door Nicolaas Grijp een kerk gesticht zijn. De nederzetting komt tenminste in 1504 reeds voor onder de naam "Grijpskercke". Ook was de nederzetting bekend als Engewird. Deze kerk van Grijp was de eerste aanzet voor het huidige Grijpskerk. Het geslacht Grijp had veel invloed in de nederzetting. Nicolaas Grijp bewoonde het slot Grijp, ook wel genoemd het huis Reitsema. Dit kasteel bevond zich ten zuiden van Grijpskerk, waar de Jonkerslaan en Reitsema Burchtstraat nog steeds aan dit huis herinneren. Het familiewapen van 't geslacht Grijp vertoont een grijp of griffioen. Dit is een fabelachtig dier: de bovenste helft stelt een adelaar voor, de onderste helft een leeuw. De grijp in een wapen verkondigt in het algemeen een invloedrijke heerschappij en bovendien scherpzinnigheid, overleg, gepaard met omzichtigheid en doorzicht. Het verstand van de adelaar gaat samen met de kracht van de leeuw. De bakermat van dit fabeldier is IndiŽ, waar dergelijke fantasiedieren in de tapijten werden geweven. Vandaar verhuisde de griffioen naar Europa en verscheen als wapendier in Oost-Duitsland en Polen (Ī 12e eeuw). In Polen werd hij inheems als wapensymbool van het oude, invloedrijke Poolse geslacht Grijp. Nicolaas Grijp was dus van Poolse afkomst. Ook in het wapen van Z.K.H. prins Hendrik, hertog van Mecklenburg, ziet men de griffioen. Zo komt het dat de grijp voorkomt als schildhouder in het wapen van prinses Juliana, die hertogin van Mecklenburg is. De Reitsemaburcht werd laatstelijk bewoond in 1636 door Johan Everhard van Asschendorp, die was gehuwd met Gezina Clant. In het jaar 1680 werd de burcht gesloopt.

De kerk van Grijp stond niet zo lang, want het gebouw werd in 1582 verwoest door stropende oorlogsbenden. Op dezelfde plaats werd de N.H. kerk echter herbouwd en daar staat hij nu sinds 1612 in het centrum van het oude dorp. De windwijzer op de tegenwoordige kerk, die een griffioen voorstelt, herinnert aan het geslacht Grijp. Grijpskerk heeft overigens nog een kerk: de in 1815 gestichte Doopsgezinde kerk, thans in gebruik als aula. Grijpskerk kende rond 1700 nog een borg, nl. de Aykemaborg. In Grijpskerk staan twee markante molens. De VVV Grijpskerk is gehuisvest in de korenmolen "De Kievit" uit 1899. De watermolen "De Westerhorner", gebouwd in 1829 en gelegen aan de weg Grijpskerk-Gaarkeuken, is in 1988 gerestaureerd.



Bovenstaand plaatje komt uit Dr J Jonstons Beschrijving van de natuur der viervoetige dieren, vogelen, der vissen en bloedloze water-dieren, gekerfde of kronkel-dieren, slangen en draken. Schipper Keizersgracht Amsterdam, 1660